Maandag gingen we nog even bij andere familieleden langs en liep ik door hun tuin met rubberbomen. Ze snijden in de schors en hangen er een bakje onder zodat de boom rubber bloedt.
Woensdag gingen Nong en ik naar het nationaal park in Aoluk, Than Bok Khorani. Ook daar waren weer prachtige watervalletjes en het leek wel een vlindertuin. En, door Nong zijn 'charme' en 'bekendheid' konden we stiekem gratis naar binnen.
Nong had achter het huis de hangmat voor me opghangen, was heerlijk rustig totdat het touw brak en ik met mijn reet op de uitstekende stenen onder me viel. Dus naast een gekleurde elleboog heb ik nu twee donkerblauwe, bijna zwarte strepen op mijn rechterbil.
Vannacht was ik superkwaad op al die rotkippen die begonnen te kukelen, echt, ik pluk ze nog eens kaal! Kippensoep maak ik er van! Of misschien wel kippengehakt als ze hun snavel niet houden. Er was ook nog een mug die me door het net op mijn voet en knie stak, en toen viel de kat me ook nog eens aan. Ik was klaarwakker, en bloedbloedbloedchagrijnig.
Vanmorgen hebben we cashewnoten geplukt. Geen wonder dat die dingen zo duur zijn, ze groeien aan een groot stuk fruit, en wat dan nog om de noot heen zit, daar moet je voor oppassen want dat kan je huid branden. Ik gebruikte eerst handschoentjes, want ik vind het fruit bijzonder erg stinken. Ze moeten eerst een paar dagen in de zon drogen en daarna gaan we ze bakken.

















Geen opmerkingen:
Een reactie posten